Buitengewoon Secundair onderwijs

SAMEN UNIEK GROEIEN

SAMEN

Directie, leerkrachten, paramedici, internaat, administratief personeel, MVD-personeel, ouders, externen, de collega’s van de campus

UNIEK

Individueel handelingsplanning, op maat van elk kind, eigen talenten, ….

GROEIEN

Op het niveau van: schoolse, sociale, zelfredzame en maatschappelijke vaardigheden.

De GROEIcampus buitengewoon basisonderwijs is een school voor buitengewoon secundair onderwijs in Genk. Op onze groene campus bieden we onderwijs aan jongens en meisjes met specifieke onderwijsbehoeften. In onze schoolwerking is iedere leerling uniek. Samen vertrekken we vanuit de eigenheid en de behoeften van elke individuele leerling, zodat zij maximaal kunnen groeien in de richting van een passend toekomstperspectief. We zetten in op het welbevinden van uniek kind, omdat we geloven dat een kind beter ontwikkelt wanneer het zich goed voelt op school.

Het schoolteam bestaat uit een professioneel en gemotiveerd multidisciplinair team. Samen gebruiken we onze expertise om onze kinderen zoveel mogelijk kansen te bieden. Bij deze groei houden we rekening met hun mogelijkheden, beperkingen en talenten. Samen streven we ernaar dat ze zich goed voelen en bouwen we samen aan een positief zelfbeeld.

Als campus werken we nauw samen met verschillende externe partners.

We zetten ook in op ouderbetrokkenheid en nemen daar een open en transparante houding aan. Samen willen we eraan werken dat elk kind kan groeien en openbloeien tot een uniek persoon.

Onze visie

In de omgang met de kinderen

Door middel van een goed onderbouwde werking (duidelijkheid, voorspelbaarheid, structuur, rust, auti-werking) bieden we een optimale leeromgeving aan voor onze kinderen. We streven ernaar om elk kind, op hun eigen tempo maximaal cognitief te laten ontplooien. We werken hard aan een preventief beleid ten aanzien van pesten. We focussen ons op het aanleren van sociale vaardigheden en het stimuleren van positief gedrag. De ontwikkeling van elk kind wordt individueel in kaart gebracht in het handelingsplan. De begeleiding wordt vervolgens afgestemd op de noden. We zoeken samen met de kinderen naar oplossingen voor problemen en streven een positieve klas- en schoolsfeer na. We hebben een luisterend oor voor alle leerlingen en proberen ons aan te passen aan hun denkwereld om van daaruit samen naar oplossingen te zoeken.

In de communicatie met de ouders

Naast de georganiseerde infoavond, oudercontacten en activiteiten staan wij steeds open voor overlegmomenten. Wij bieden een luisterend oor aan alle partijen en denken samen met de ouders na over moeilijkheden die zich voordoen. We spelen zo kort mogelijk op de bal om eventuele moeilijkheden en/of misverstanden op te lossen. We informeren onze ouders over de unieke manier van aanpak aangaande de ontwikkeling en ontplooiing van de leerlingen. Door middel van ouderbrieven proberen we ouders bijkomend te ondersteunen (bv. facebookinstellingen, tips omtrent veilig gebruik van internet, ideeën van sportkampen of mogelijke activiteiten in de vrije tijd, data van opvoedkundige informatie-avonden,…). We betrekken de ouders daarnaast nauw bij het ontwikkelen van het beleid van de school en waarderen hun input. We doen daarom regelmatig ouderbevragingen en gaan actief aan de slag met deze resultaten.

In het personeelsbeleid

Het schoolteam bestaat uit professionele, gedreven en dynamische mensen. Samen gebruiken we onze expertise om onze kinderen zoveel mogelijk kansen te bieden.

Als personeel staan we model voor positief gedrag. Het is belangrijk dat iedereen zich goed voelt in onze school, zodat ook dit overgedragen wordt aan de kinderen. In het personeelsbeleid wordt daarom veel aandacht geschonken aan het samen denken over bepaalde ideeën, het samen komen tot oplossingen. Voldoende overlegmomenten zorgen ervoor dat het team op één lijn denkt en handelt, wat de structuur en ontplooiing van de kinderen enkel ten goede komt. De kwaliteiten van de personeelsleden worden eveneens gericht aangesproken bij het organiseren van activiteiten.

Hiermee gaat iedereen die tewerkgesteld wordt op onze campus akkoord, door het ondertekenen van de POWER-charter. (zie bijlage)

In de contacten met externe partners

Als school werken we nauw samen met verschillende externe partners. In de samenwerking proberen we steeds te handelen met het nodige respect voor onze eigen werking en de werking van de andere diensten. We denken samen na en proberen ook alle oplossingen uit die aangereikt worden. We geloven in de positieve krachten van de verschillende externe partners, alsook in onze eigen sterkte. We betrekken externe partners indien nodig, bij oudergesprekken. Ook zijn ze steeds welkom bij festiviteiten op school.

We zetten in op ouderbetrokkenheid en nemen een open en transparante houding aan. Samen willen we eraan werken dat hun kind zich kan openbloeien tot een uniek persoon.

In de maatschappij

Wij willen onze kinderen opvoeden tot burgers die hun plaats vinden in de maatschappij. Wij geven waarden, normen, vaardigheden en kennis mee, afgestemd op de noden en mogelijkheden van de kinderen, die het functioneren (wonen, werken, vrije tijd) in de maatschappij vergemakkelijken. Wij willen reeds van jongs af aan de participatie en integratie van onze kinderen bevorderen in de maatschappij. We blijven daarbij oog houden voor elk kind zijn eigenheid en talent. We organiseren regelmatig activiteiten (bv. koken, winkelen, uitstap, deelname aan sportactiviteiten,…). We tonen op sociale media en via andere kanalen hoe uniek we zijn en waarvoor we staan. Op deze manier proberen we de beeldvorming van kinderen met een beperking in de maatschappij positief te beïnvloeden.

Onze missie

Onze missie wordt gesymboliseerd door Mister Power

Onze powermissie is de manier waarop we onze visie verwezenlijken.
Met deze missie leggen we de nadruk op de brede basiszorg, op een preventief beleid. De hoofddoelstelling is het creëren van een campus waar iedereen zich goed en gerespecteerd voelt, een campus die zijn partners in hun krachten aanspreekt en een campus die zich als één stem laat horen in de maatschappij.

POWER is een letterwoord dat de kernelementen van de missie omvat:

P = positief
Wij focussen ons op de positieve eigenschappen en intenties, de talenten en kwaliteiten van de kinderen/ leerlingen en zetten deze extra in de verf. Wij streven een positieve klas- en school- en campussfeer na. Ook focussen we ons op het aanleren en belonen van positief gedrag.

O = oplossingsgericht
Ons streefdoel is een positief toekomstperspectief (wonen, vrije tijd, werken). We laten los wat niet werkt en zetten meer in op wat wel werkt. We zoeken naar uitzonderingen en analyseren om te komen tot de succesfactoren. We zetten de talenten gericht in en zoeken samen met alle partners naar oplossingen op maat voor problemen waarvoor we gesteld worden.

W = wij-gevoel
Wij zijn een team, wij zijn één geheel. Wij werken samen, leven samen en denken samen na. Wij horen samen, wij als campus. Overeenkomstig met het nieuwe pedagogische project van het Gemeenschapsonderwijs ligt de focus op samen leren samenleven en gepersonaliseerd samen leren, hier zetten we dan ook samen onze schouders onder.

E = eigenheid en diversiteit
Iedereen is anders en iedereen mag ook zichzelf zijn binnen onze campus. De verschillende talenten en kwaliteiten worden benadrukt en ook ingezet. In de omgang met de kinderen/ leerling werken we op maat van ieder individu. We baseren ons op de individuele beeldvorming en stemmen onze aanpak af op de noden van de kinderen en op alle leerdomeinen.

R = respect
We tonen steeds respect voor alle partners. We waarderen de verschillen, beschouwen deze als een meerwaarde. Iedereen mag zijn wie hij/zij is, we vullen elkaar aan met onze eigen talenten. We staan model voor respect: respect voor onszelf, onze medemens en onze omgeving (materiaal, natuur en milieu).

Opleidingsvorm 1

Wonen, werken, overkoepelende vaardigheden en vrije tijd zijn de vier domeinen waar OV1 rond werkt.

In het domein wonen werken we aan drie pijlers.

  • Persoonlijke redzaamheid: het aanleren van dagelijkse hygiëne staat op de eerste plaats (douchen, aankleden, handen wassen, toiletbezoek).
  • Maatschappelijke redzaamheid: inkopen doen op de markt of in de winkel, het leren omgaan met geld, een bezoek aan de bibliotheek horen hier allemaal bij.
  • Huishoudelijke redzaamheid: hier leren we vooral om kleine onderhoudstaken uit te voeren, zoals borstelen, afwassen, strijken( handdoeken, zakdoeken), sorteren van afval, tafel dekken, maar ook eenvoudige kookactiviteiten (zorgklas) tot een volledige maaltijd (uitstroomklas) komen bij ons aan bod.

Binnen Opleidingsvorm 1 staat het werken ook centraal. In de zorgklas uit zich dit vooral in het uitvoeren van fijn motorische vaardigheden, zoals sorteren en rijgen. In de andere klassen valt dit onder de noemer ‘Atelier’. Zij leren er eenvoudige werktechnieken aan, zagen, verven, sorteren. Dit vooral naar de werking binnen een dagcentrum.

Aandacht voor talige en numerieke vaardigheden is ook bij ons een belangrijk onderdeel bij de overkoepelende vaardigheden.

Binnen het talige aspect wordt er vooral gewerkt rond en met SMOG-gebaren, maar ook klasgesprekken en lezen komen veel aan bod. We bieden ook een basispakket Frans aan. Alles wordt spelenderwijs aangeleerd op het niveau van het kind. Het numerieke luik omvat dan eerder klok lezen, teloefeningen op de computer, leren betalen, geldwaarde aanleren,… en ook dit telkens op hun eigen niveau.

Vrije tijd krijgt ook een grote invulling binnen onze opleiding.

Deze kunnen we opsplitsen in 3 grote delen:

  • Hoekenwerk: keuzes leren maken in hun vrije tijdsbesteding, spelletjes spelen, tv kijken, muziek luisteren, tekenen, puzzelen,…
  • Snoezelen/ Sherborne: leren ontspannen, relaxatie
  • Motoriek:
    • Zwemmen: 1 maal per maand
    • Paardrijden: 2 maal per jaar
    • Turnen/ behendigheid: wekelijks
    • Wandelen/ fietsen: bij mooi weer

Opleidingsvorm 1 is opgesplitst in 4 klassen

De zorgklas

  • Individuele, niet groepsgebonden aanpak
  • Zorg op maat
  • Klein klasje met 2 vaste klasjuffen
  • Ondersteuning van de kinderverzorgster
  • Welbevinden staat centraal
  • Klemtoon ligt op zelfredzaamheid en communicatie
  • Snoezelen/ rustmomenten: dagelijks

De leef- leerklassen

  • Gelijklopende klassen
  • Kleine klasgroepen
  • Vaste klasjuffen
  • Leefgroepgebeuren staat centraal
  • Aandacht voor zelfredzaamheid, zelf invullen van vrije tijd
  • Lessen afgestemd op activiteiten dagcentrum
  • Aanleren nieuwe kennis
  • Onderhouden van de verworven kennis en vaardigheden op schools vlak (lezen, schrijven, rekenen)

De finaliteitsklas/ uitstroomklas

  • Oudste leerlingen voorbereiden op hun toekomst na school (dagcentrum)
  • Werken op maat van de leerling
  • Zelfstandig werken
  • Zelfredzaamheid ontplooien
  • Atelierwerk
  • Tot 21 jaar + verlengingen
  • Ouders en leerlingen ondersteunen in het zetten van stappen naar de toekomst van het kind (doorverwijzing mutualiteit, dossier VAPH)

OV1 staat voor:

  • Leerlingen staan centraal
  • Welbevinden
  • Vaste juffen
  • Huiselijke sfeer
  • Ondersteuning van kinesitherapeut, logopedist en kinderverzorgster
  • Ontplooiing van zelfredzaamheid
  • Persoonlijke ontwikkeling
  • Doelen op maat
  • Zorg op maat
  • Goed contact met ouders

Opleidingsvorm 2

Wonen, werken en vrije tijd zijn de drie grote domeinen waar rond gewerkt wordt in OV2. Wij vinden dat we deze werkwoorden moeten versterken met een bijwoord!

Gezellig
Wat moeten we onze leerlingen aanleren zodat het wonen ook gezellig is? Wonen in een proper, leuk ingericht huis. Leuke contacten met de medebewoners, familie en vrienden,..
Lekker en gezond koken, gezellig tafelen.

Gelukkig
Wat moeten we onze leerlingen aanleren zodat ze gelukkig naar hun werk kunnen gaan en ze dit werk ook kunnen volhouden? Werk wat ze graag doen, omgaan met collega’s en leidinggevenden. Comfortabel op het werk geraken, goed omgaan met loon.

Gezond
Wat moeten we onze leerlingen aanleren zodat ze hun vrije tijd op een gezonde manier invullen? Bewegen, sociale contacten, gezond en voorzichtig omgaan met genotsmiddelen, geld…

Opleidingsvorm 2 is opgesplitst in 2 fases

Fase 1

A-Klas

  • zachte overgang van lagere school naar secundair onderwijs
  • kleine klasjes met 2 vaste titularissen (BGV en ASV) in vaste lokalen
  • observatie en kennismaking
  • klemtoon ligt op welbevinden

B-Klas

  • variatie om zo talenten te ontdekken
  • specialisatie op basis van interesses en toekomstmogelijkheden
  • klemtoon op ontwikkelen van competenties
  • zelfredzaamheid, samenwerking, kwaliteit
  • lessen op maat van iedere leerling

B-Overgangsklas

  • voorbereiding op zelfstandig werken
  • voorbereiding op Fase 2
  • vertrekken vanuit interesses en toekomstmogelijkheden
  • werkervaring opdoen buiten school

Fase 2

C-Arbeidszorgklas

  • voorbereiding op Arbeidszorg
  • mogelijk tot doorgroeien naar de D-Klas
  • klemtoon op een zo groot mogelijke zelfstandigheid
  • laagdrempelige stages (bv. Labor, De Sluis, Alternatief)

D-Klas

  • klemtoon ligt op tewerkstelling (in beschutte werkplaats)
  • werken aan arbeidscompetenties
  • stages
  • werken aan de toekomst: wonen, werken en vrije tijd

OV2 staat voor:

Deze tekst nog als tekstbestand aanleveren.

Opleidingsvorm 3

Type basisaanbod
Voor jongeren met specifieke onderwijsbehoeften voor wie het gemeenschappelijk curriculum in het gewoon onderwijs met redelijke aanpassingen niet haalbaar is

Type 3
Voor jongeren met emotionele en/of gedragsstoornissen zonder verstandelijke beperking.

Type 9
Voor jongeren met ASS zonder verstandelijke beperking (geïntegreerde AUTI-werking)

Observatie

Dit is de instapfase voor leerlingen die de overgang van de lagere school maken. Deze fase duurt normaal 1 schooljaar.

Binnen het observatiejaar maken de leerlingen kennis met de verschillende beroepsopleidingen (BGV = 16u)

  • Basis mechanica
  • Basis logistiek onderhoud
  • Basis horeca
  • Basis groenvoorziening en decoratie

Naast deze BGV-lessen worden de leerlingen ook bij ASV, Algemene Sociale Vorming (16u) voorbereid op hun beroepskeuze. Via gepaste individuele begeleiding, projectgericht en computer ondersteunend onderwijs kunnen de leerlingen zeer veel ervaring opdoen binnen onze school. Op het einde van het observatiejaar maken de leerlingen een beroepskeuze uit de aangeboden opleidingen voor de verdere schoolloopbaan.

OV3 OBSERVATIE staat voor:

  • Ontplooien en voorbereiden op succesvolle loopbaan op school
  • Kennismaking beroepsopleidingen
  • Ondersteuning van kinesitherapeut en logopedist
  • Opbouwen vriendschapsband

OV3 Basis Horeca

Heeft de jongere voor de opleiding ‘Basis horeca’ gekozen, zal hij/zij hier les volgen van het 2e tot het 5e jaar.
Binnen de opleiding zal hij/zij 2 fases doorlopen

  • De opleidingsfase
  • De kwalificatiefase

Binnen de opleidingsfase doorlopen de leerlingen minimum 2 schooljaren. Ze maken er kennis met de basisvaardigheden. Zo volgen zij 20u BGV. De Algemene Sociale Vorming (ASV) wordt vanaf nu geïntegreerd aangeboden (GASV). De leerlingen in de opleidingsfase volgen 12 u GASV, hieronder vallen ook 2 lesuren lichamelijke opvoeding en 2 lesuren godsdienst.

Als de leerlingen deze fase met glans hebben doorlopen gaan ze over naar de kwalificatiefase, ook deze fase doorloopt 2 schooljaren. Hier worden de vaardigheden en competenties verder uitgediept. Vanaf nu zullen ze 22u BGV en nog 10u GASV volgen. Ze zullen in deze fase ook praktijkervaring opdoen tijdens de verplichte stage. Elke leerling krijgt aan het begin van het nieuwe schooljaar een mentor toevertrouwt, dit is zijn of haar vertrouwenspersoon voor dit schooljaar. Deze leerkracht is er bij problemen en vragen.

De praktijkvaardigheden worden aangeleerd tijdens de uren BGV bijvoorbeeld:

  • Bereiden van de dagelijkse maaltijd aan de hand van een weekmenu
  • Elke middag worden er belegde broodjes gemaakt op bestelling.
  • Het bereiden van diverse desserts zoals pudding, chocomousse, tiramisu, klein gebak, fruitsalade, ….

Het is belangrijk dat de leerlingen ook onderhoudsvaardigheden leren. Het gaat dan om algemeen onderhoud van de keuken, poetsen, ordenen en onderhouden van de refter. Hierbij leren ze werken volgens de hygiënevoorschriften.

In de didactische keuken wordt vooral gewerkt in het oberservatiejaar. We werken dan aan de basis praktijkvaardigheden die nodig zijn om zich voor te bereiden om naar de grote keuken te gaan. Hier leren we onder andere snijtechnieken, sauzen binden, eenvoudige recepten lezen en volgen bv. Croque monsieur, het wennen aan het nodige werkmateriaal,…

Vanaf het tweede jaar leren de leerlingen werken in een professionele grootkeuken. De keuken verzorgt ook de verschillende eetfestijnen op school: mosselfeest, pastabuffet, BBQ,… Na het doorlopen van de opleiding kan de leerling het kwalificatiegetuigschrift behalen.

OV3 Basis horeca staat voor:

  • Kleine groepen
  • Vaste leerkrachten
  • Eerst gewenning in didactische keuken
  • Verder aanleren vaardigheden in professionele grootkeuken
  • Mentor = vertrouwenspersoon
  • Zelfstandigheid bevorderen
  • Competenties inoefenen voor werken voor derden

OV3 Basis Mechanica

Heeft de jongere voor de opleiding ‘Basis mechanica’ gekozen, zal hij/zij hier les volgen van het 2e tot het 5e jaar. Binnen de opleiding zal hij/zij 2 fases doorlopen

  • De opleidingsfase
  • De kwalificatiefase

Binnen de opleidingsfase doorlopen de leerlingen minimum 2 schooljaren. Ze maken er kennis met de basisvaardigheden. Zo volgen zij 20u BGV. De Algemene Sociale Vorming (ASV) wordt vanaf nu geïntegreerd aangeboden (GASV). De leerlingen in de opleidingsfase volgen 12 u GASV, hieronder vallen ook 2 lesuren lichamelijke opvoeding en 2 lesuren godsdienst.

Als de leerlingen deze fase met glans hebben doorlopen gaan ze over naar de kwalificatiefase, ook deze fase doorloopt 2 schooljaren. Hier worden de vaardigheden en competenties verder uitgediept. Vanaf nu zullen ze 22u BGV en nog 10u GASV volgen. Ze zullen in deze fase ook praktijkervaring opdoen tijdens de verplichte stage. Elke leerling krijgt aan het begin van het nieuwe schooljaar een mentor toevertrouwt, dit is zijn of haar vertrouwenspersoon voor dit schooljaar. Deze leerkracht is er bij problemen en vragen.

De praktijkvaardigheden worden aangeleerd tijdens de uren BGV bijvoorbeeld:

  • Het aanleren van verschillende lastechnieken zoals BMBE, MIG/MAG en TIG
  • Ontwerpen en uitwerken van kleinere projecten zoals vuurkorven, bloembakken, tuinmeubelen, BBQ’s,…
  • Diverse realisaties zoals onder andere de voetbalkooi op onze eigen speelplaats
  • Werken voor derden bv. Tribune voor een volleybalclub

Binnen de opleiding krijgen de leerlingen ook de kans om het VCA-attest te behalen. Hierin leren ze over de basisveiligheid binnen de sector/ werkveld. Na het doorlopen van de opleiding kan de leerling het kwalificatiegetuigschrift behalen.

OV3 Basis mechanica staat voor:

  • Kleine groepen
  • Vaste praktijk leerkrachten
  • Mentor = vertrouwenspersoon
  • Zelfstandigheid bevorderen
  • Aanleren praktijkvaardigheden
  • Praktijk ervaring door werken voor derden
  • Stages op eventuele latere tewerkstellingsplaatsen

OV3 Basis logistiek onderhoud

Heeft de jongere voor de opleiding ‘Basis logistiek onderhoud’ gekozen, zal hij/zij hier les volgen van het 2e tot het 5e jaar. Binnen de opleiding zal hij/zij 2 fases doorlopen

  • De opleidingsfase
  • De kwalificatiefase

Binnen de opleidingsfase doorlopen de leerlingen minimum 2 schooljaren. Ze maken er kennis met de basisvaardigheden. Zo volgen zij 20u BGV. De Algemene Sociale Vorming (ASV) wordt vanaf nu geïntegreerd aangeboden (GASV). De leerlingen in de opleidingsfase volgen 12 u GASV, hieronder vallen ook 2 lesuren lichamelijke opvoeding en 2 lesuren godsdienst.

Als de leerlingen deze fase met glans hebben doorlopen gaan ze over naar de kwalificatiefase, ook deze fase doorloopt 2 schooljaren. Hier worden de vaardigheden en competenties verder uitgediept. Vanaf nu zullen ze 22u BGV en nog 10u GASV volgen. Ze zullen in deze fase ook praktijkervaring opdoen tijdens de verplichte stage. Elke leerling krijgt aan het begin van het nieuwe schooljaar een mentor toevertrouwt, dit is zijn of haar vertrouwenspersoon voor dit schooljaar. Deze leerkracht is er bij problemen en vragen.

De praktijkvaardigheden worden aangeleerd tijdens de uren BGV bijvoorbeeld:

  • Het inoefenen van huishoudelijke taken zoals strijken, dweilen, maaltijden bereiden,…
  • Het aanleren tafels dekken: toepassing in school en WZC maar ook feesttafels: deze creaties zijn telkens te bewonderen tijdens eetavonden, recepties, opendeurdagen…
  • Het inoefenen van het vervoeren van zorgvragers met de rolstoel, maar ook patiëntenvervoer met het bed
  • Er wordt gebruik gemaakt van werkplekleren in een woonzorgcentrum zoals tafels dekken, hulp bieden bij de maaltijden, huishoudelijke taken zoals kamerzorg, de vaat in de afdelingskeuken en bevoorraden van dranken
  • Inoefenen maaltijden bedelen aan bed aan de hand van rollenspelen
  • Het aanbieden van een cursus EHBO: basis reanimeren aanleren en inoefenen, gegeven door een medewerker van het Rode Kruis
  • De leerlingen verdelen de maaltijden bij de leerlingen van Opleidingsvorm 1 met behulp van de maaltijdkar
  • Inoefenen van vrijetijdstechnieken en handvaardigheid zoals naaien, breien, versiering maken,…

Na het doorlopen van de opleiding kan de leerling het kwalificatiegetuigschrift behalen.

OV3 Basis logistiek onderhoud staat voor:

  • Kleine groepen
  • Vaste leerkrachten
  • Mentor = vertrouwenspersoon
  • Zelfstandigheid bevorderen
  • Aanleren praktijkvaardigheden
  • Aanleren sociale omgang met teamleden en zorgvragers
  • Werkplekleren bv. Woonzorgcentrum voor verdere ontwikkeling
  • Stages

OV3 Basis groenvoorziening en decoratie

Heeft de jongere voor de opleiding ‘Basis groenvoorziening en decoratie’ gekozen, zal hij/zij hier les volgen van het 2e tot het 5e jaar. Binnen de opleiding zal hij/zij 2 fases doorlopen

  • De opleidingsfase
  • De kwalificatiefase

Binnen de opleidingsfase doorlopen de leerlingen minimum 2 schooljaren. Ze maken er kennis met de basisvaardigheden. Zo volgen zij 20u BGV. De Algemene Sociale Vorming (ASV) wordt vanaf nu geïntegreerd aangeboden (GASV). De leerlingen in de opleidingsfase volgen 12 u GASV, hieronder vallen ook 2 lesuren lichamelijke opvoeding en 2 lesuren godsdienst.

Als de leerlingen deze fase met glans hebben doorlopen gaan ze over naar de kwalificatiefase, ook deze fase doorloopt 2 schooljaren. Hier worden de vaardigheden en competenties verder uitgediept. Vanaf nu zullen ze 22u BGV en nog 10u GASV volgen. Ze zullen in deze fase ook praktijkervaring opdoen tijdens de verplichte stage. Elke leerling krijgt aan het begin van het nieuwe schooljaar een mentor toevertrouwt, dit is zijn of haar vertrouwenspersoon voor dit schooljaar. Deze leerkracht is er bij problemen en vragen.

De praktijkvaardigheden worden aangeleerd tijdens de uren BGV:

De leerlingen werken doorheen het schooljaar in de serre. Hier leren ze vaardigheden zoals inpotten, éénjarige planten opkweken, stekken, zaaien, stekplaten maken, verspenen, ….De planten worden ook verkocht aan derden tijdens de jaarlijkse plantenverkoop. De planten worden ook voorbereid voor de verschillende seizoenen. Hierbij leren ze werken met materiaal zoals de inpotmachine.

Voor deze afdeling worden de leerlingen voorbereid op het leren rijden met de tractor. Dit begint met de veiligheidsvoorschriften, de motor leren kennen, … Daarna moeten ze op school een proef afleggen. Eerst met de tractor en daarna met aanhangwagen. In een verdere fasen leren ze hier ook mee maaien, freezen, ploegen enz.

Op het schoolterrein leren de leerlingen een moestuin aanleggen. Deze moeten ze zelf onderhouden zoals mest geven, uitspreiden van kalk, ploegen, onkruid verdelgen,….

Onze leerlingen van tuinbouw onderhouden ook het schooldomein: snoeien, borstelen, gras maaien,…

Extra muros: onderhouden van tuinen en domeinen buiten het schoolterrein om praktijk vaardigheden in te oefenen en eigen te maken.

Onze afdeling tuinbouw mocht enkele jaren geleden ook de kerk van Laken in Brussel versieren met bloemen. Dit ter nagedachtenis van het overlijden van koning Boudewijn. Daarnaast verzorgden ze ook al de aankleding voor de Bisiliek van Tongeren en zetten ze zich in voor het MOS-project op school.

Na het doorlopen van de opleiding kan de leerling het kwalificatiegetuigschrift behalen.

OV3 Basis groenvoorziening en decoratie staat voor:

  • Kleine groepen
  • Vaste leerkrachten
  • Mentor = vertrouwenspersoon
  • Zelfstandigheid bevorderen
  • Aanleren praktijkvaardigheden
  • Werken voor derden
  • Stages op eventuele latere tewerkstellingsplaatsen

OV3 Alternerende Beroepsopleiding (ABO)

De Alternerende Beroepsopleiding of Integratiefase is een extra jaar dat onze leerlingen kunnen volgen. Dit is een vrijblijvend jaar waar de leerlingen zelf voor kiezen. In deze opleiding volgen de leerlingen 2 dagen les op school. Deze uren bestaan uit 4 lesuren GASV en 10 lesuren BGV. De overige 3 dagen van de week doen de leerlingen een onbezoldigde stage (werkervaring) op de werkvloer met het oog op een blijvende tewerkstelling. Het doel van dit extra jaar op school is om de leerlingen klaar te stomen om op de gewone arbeidsmarkt tewerkgesteld te worden.

De opleiding is op maat van de leerling binnen een passende stageplaats met toekomstmogelijkheden. Aan de hand van een trajectbegeleidingsplan wordt gericht gewerkt aan de competenties die het bedrijf vooropstelt zowel BGV als ASV-gericht.
Op regelmatige basis vinden er bedrijfsbezoeken plaats, hier wordt de leerling geëvalueerd. Op die manier kunnen mogelijke tekorten bijgestuurd worden.

Indien men slaagt in dit ABO-jaar behaalt de leerling het ‘Getuigschrift van de Alternerende Beroepsopleiding’.

Dit jaar biedt ook tal van voordelen voor onze ABO-leerlingen:

  • Ingeschreven als werkzoekende bij VDAB
  • Inschakelingstijd loopt tijdens de opleiding
  • Behoud van kinderbijslag tijdens inschakelingstijd
  • Extra werkervaring en kans op tewerkstelling
  • Recht op inschakelingsuitkering na verloop van inschakelingstijd tijdens het ABO-jaar vanaf 1 augustus
  • Bij het voleindigen van het ABO-jaar heb je recht op een motivatiepremie. Deze bedraagt €500 als je min. 700 uur stage liep en min. 400 uur op school aanwezig was. (Totaal moet minimum 1200 uur zijn)
  • Een extra getuigschrift bij afronding van het ABO-jaar

OV3 ABO staat voor:

  • Extra werkervaring
  • Extra getuigschrift
  • Meer kans op tewerkstelling binnen de stageplaats
  • Vaste leerkracht voor ASV
  • Vaste praktijkleerkracht

Lestijden

Lestijden
Maandag – Dinsdag – Donderdag en Vrijdag van 8u45 tot 15u35
Woensdag van 8u45 tot 12u15

Een schooldag bestaat uit 4 lesuren in de voormiddag met om 10u25 tot 10u35 een pauze
Namiddag bestaat uit 3 lesuren vanaf 13u00 (zonder pauze)

Lesuur = 50 minuten

Aanmelding – inschrijving

Voor kinderen van 2,5 tot 13 jaar
Kleuters en leerlingen met type 3, 2, 9, basisaanbod

Wat heeft u nodig voor een inschrijving?

1.Identificatiebewijs:
Bij de inschrijving van een kleuter of een leerling wordt een officieel bewijsstuk voorgelegd waaruit de juiste schrijfwijze van de naam en ook de geboortedatum blijkt. Vermits voor de controle op de leerplicht ook het rijksregisternummer een verplicht gegeven is, wordt bij voorkeur de SIS- kaart of kids ID gevraagd. Van het bewijsstuk wordt een fotokopie genomen

2.Inschrijvingsverslag buitengewoon onderwijs:
Voor de toelating van een kleuter en een leerling in het buitengewoon onderwijs is een inschrijvingsverslag vereist waaruit blijkt dat buitengewoon onderwijs nodig is, met aanduiding van het type dat voor de leerling aangewezen is. Voor onze school is dit het type basisaanbod, 2, 3, 9.

Buitengewoon Basisonderwijs

Directie: Natacha Peeters
Richter 25, 3600 Genk
directie.basis@groeicampus.be
admin.basis@groeicampus.be
Tel: 089 50 00 50

Buitengewoon Secundair Onderwijs

Directie: Wilfried Steegmans
Richter 27, 3600 Genk
directie.secundair@groeicampus.be
admin.secundair@groeicampus.be
Tel: 089 35 90 25

Internaat

Internaatbeheerder: Ivo Vanderhoven
Richter 25, 3600 Genk
directie.internaat@groeicampus.be
admin.internaat@groeicampus.be
Tel: 089 50 00 52